Welzijn van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond

Internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond vormen in Nederland een aanzienlijk deel van de studentenpopulatie: naar schatting ongeveer een zesde. Deze twee studentengroepen melden doorgaans een slechtere geestelijke gezondheid dan Nederlandse studenten. In dit artikel geven we een overzicht van bestaand onderzoek naar hun welzijn. 

Het welzijn van studenten is een breed, veelzijdig begrip dat de mate weerspiegelt waarin studenten zichzelf op positieve of negatieve wijze cognitief beoordelen en emotioneel ervaren (Van Bommel et al., 2024). Het omvat drie domeinen: psychologisch welzijn (zin in het leven, zelfwaardering, autonomie), sociaal welzijn (verbondenheid, gevoel van erbij horen) en fysiek welzijn (subjectieve gezondheid, lichaamsacceptatie).

Een breed scala aan factoren beïnvloedt het welzijn van studenten (RIVM & Trimbos Instituut, 2025; Slimmen et al., 2025; Szepe & Meszaros, 2024; Van Bommel et al., 2024; Corney et al., 2024; Muja et al., 2024; Sanci et al., 2022; The Class Foundation, 2024). Demografische en individuele kenmerken zoals geslacht, leeftijd, persoonlijkheid en mindset spelen een rol. Factoren in de sociale omgeving – waaronder emotionele steun en contact met medestudenten – hebben eveneens een sterke invloed op het welzijn, net als onderwijsomstandigheden zoals de universitaire setting, de kwaliteit van het onderwijs, de studierichting en het studiejaar. Ten slotte hebben gezondheidsgerelateerde gedragingen zoals lichamelijke activiteit, slaappatronen en middelengebruik, evenals huisvesting en financiële kwesties, een bijkomende invloed. Deze aspecten verschillen in de mate waarin ze kunnen worden beïnvloed en waarin actoren zoals universiteiten en onderwijsprofessionals ze kunnen beïnvloeden of verbeteren.

Het welzijn van studenten is een belangrijke predictor voor academische resultaten (Van Bommel et al., 2024). Een hoger welzijnsniveau bevordert de academische prestaties en stimuleert de motivatie en betrokkenheid, zowel tijdens colleges als in extracurriculaire activiteiten (Van Bommel et al., 2024; Bücker et al., 2018; Ryan et al., 2022). Het prioriteren van welzijn binnen het hoger onderwijs is essentieel voor het creëren van een omgeving waarin studenten zich veilig en gesteund voelen en zich zowel academisch als persoonlijk kunnen ontplooien (Tran et al., 2023). Maatschappelijke ontwikkelingen, waaronder de COVID-19-pandemie, hebben de aandacht voor het welzijn van studenten de afgelopen jaren vergroot (Slimmen et al., 2025; Van Bommel et al., 2024). In de Nederlandse context is het bevorderen van het welzijn van studenten in het hoger onderwijs een nationale beleidsprioriteit. De Staat en relevante organisaties hebben dan ook concrete doelen gesteld om dit agendapunt aan te pakken (Ministerie van OCW, 2023; Interstedelijk Studenten Overleg et al., 2023).

Internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond vormen in Nederland een aanzienlijk deel van de studentenpopulatie: naar schatting ongeveer een zesde.[1] Deze twee studentengroepen melden doorgaans een slechtere geestelijke gezondheid dan binnenlandse studenten (RIVM & Trimbos Instituut, 2025; RIVM & Trimbos Instituut, 2023; Maharaj et al., 2025; Sanci et al., 2022; Corney et al., 2024; EUR, 2021; Muja et al., 2024; Soong & Mu, 2025). Dat is waarschijnlijk te wijten aan de extra uitdagingen waarmee zij worden geconfronteerd tijdens het studeren en wonen in een nieuw land. Om deze studenten te helpen slagen in het hoger onderwijs, is een beter begrip van hun specifieke uitdagingen en behoeften essentieel. In dit artikel geven we een overzicht van bestaand onderzoek naar de volgende vragen: Met welke uitdagingen worden internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond geconfronteerd? Wat zou kunnen helpen om hun welzijn te verbeteren?

Definities

Internationale studenten zijn studenten die voor hun opleiding naar het buitenland zijn verhuisd. We hanteren de volgende definitie, die in de Nederlandse context gangbaar is: Internationale studenten zijn studenten die hun diploma in het voortgezet onderwijs buiten Nederland hebben behaald en een andere nationaliteit dan de Nederlandse bezitten (CPB, 2019; Nuffic, 2025).

Studenten met een vluchtelingenachtergrond zijn studenten die door conflicten, vervolging of onveilige omstandigheden hun thuisland hebben moeten verlaten en hun opleiding voortzetten in het gastland waar zij hun toevlucht hebben gezocht (Slapac et al., 2021). In lijn met Shapiro en collega’s (2018) gebruiken we de term ‘met een vluchtelingenachtergrond’ om hun ervaringen te erkennen. Tegelijkertijd benadrukken we dat het feit dat ze vluchteling zijn geweest slechts één facet is van de identiteit van studenten, en dus niet het enige aspect dat voor hen of voor ons als onderzoekers van belang is.

De selectie van studies die in dit overzicht zijn opgenomen, is gebaseerd op een systematische literatuurstudie met behulp van trefwoorden en achterwaartse verwijzingsanalyse/ de sneeuwbalmethode. Ons overzicht is gebaseerd op meer dan 60 Engelstalige en Nederlandstalige studies, voornamelijk uit de afgelopen 10 jaar en uitgevoerd in verschillende contexten en landen, waaronder Nederland, Australië, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Hongarije, de VS, China en Turkije. Door internationaal onderzoek samen te vatten, bieden we kennis die kan worden vertaald naar de Nederlandse context. Hoewel dit literatuuronderzoek de huidige kennis samenbrengt, moet toekomstig onderzoek concrete initiatieven in de Nederlandse context identificeren en de effectiviteit ervan beoordelen vanuit het perspectief van de studenten zelf. Een gedetailleerd onderzoek naar de huidige institutionele praktijken in Nederland valt buiten het bestek van ons overzicht.

Op basis van de bestaande literatuur hebben we de uitdagingen en behoeften als volgt gecategoriseerd: taalkundig, sociaal-cultureel, onderwijsgerelateerd, gezondheidsgerelateerd, praktisch en financieel. Het overzicht houdt rekening met studies onder zowel internationale studenten als studenten met een vluchtelingenachtergrond. Hoewel we erkennen dat deze twee groepen bepaalde uitdagingen en behoeften delen, zijn we ons ook bewust van de belangrijke verschillen vanwege de verschillende kenmerken en levenservaringen van hun leden. Daarom maken we waar relevant onderscheid tussen beide groepen.[2]

Uitdagingen

Eisen op het gebied van academische en sociale taalvaardigheid
Een van de grootste uitdagingen waarmee internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond in het hoger onderwijs worden geconfronteerd, is de noodzaak van academische taalvaardigheid (Kong et al., 2026; Berg, 2023; Earnest et al., 2010; Streitwieser et al., 2018; Ramsay & Baker, 2019; Arar, 2021; Nuffic, 2023; Klatter-Folmer & Weltens, 2017; Can et al., 2020; Van Dijk & Kooiman, 2023). Hoewel hun taalvaardigheidsniveau hen in staat stelt om adequaat te functioneren in sociale situaties, belemmeren de eisen van contextarme communicatie, waaronder meer abstracte inhoud, academisch jargon en cultuurspecifieke verwijzingen, de betekenisvolle deelname van deze studenten tijdens colleges. Onzekerheid over hun taalvaardigheid kan ervoor zorgen dat ze aarzelen om vragen te stellen of om opheldering te vragen, wat hun academische prestaties en betrokkenheid verder kan ondermijnen.

Eerdere studies tonen aan dat internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond meer tijd nodig hebben om opdrachten te maken en moeite hebben om het spreektempo tijdens colleges bij te houden (Mutongoza & Olawale, 2023; Van Dijk & Kooiman, 2023; Kong et al., 2026; Mangan & Winter, 2017). Bovendien hadden sommige studenten het gevoel dat docenten hun taalgerelateerde uitdagingen niet erkenden en hun werk strenger beoordeelden, niet vanwege onvoldoende inhoudelijke kennis, maar vanwege grammaticale fouten of spelfouten (Mangan & Winter, 2017).
Taalbarrières werden ook genoemd als een factor met een negatief effect op het vermogen van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond om met leeftijdsgenoten om te gaan en sociale contacten te leggen (Kong et al., 2026; Earnest et al., 2010; Streitwieser et al., 2018; Van Dijk & Kooiman, 2023; Soong & Mu, 2025). Sociale interactie kan bijvoorbeeld vermoeiend of ongemakkelijk aanvoelen wanneer studenten moeite hebben om een plaatselijk accent te verstaan of zich onzeker voelen over hun uitspraak. Dergelijke ervaringen kunnen hen ontmoedigen om contact te zoeken met de lokale gemeenschap en kunnen zelfs het gevoel van isolement versterken. Bij oudere studenten met een vluchtelingenachtergrond beperken taalbarrières in combinatie met leeftijdsverschillen het gevoel van verbondenheid en erbij horen nog verder (Van Dijk & Kooiman, 2023).

Behoeften

Meer taalondersteuning en differentiatie
Om de hierboven genoemde uitdaging aan te pakken, moeten internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond die moeite hebben met het begrijpen van academische inhoud, de kans krijgen om zowel hun academische als hun sociale taalvaardigheid te ontwikkelen. Meerdere studies tonen aan dat taalcursussen – zowel algemene taalcursussen (Kong et al., 2026) als vakspecifieke taalcursussen – behulpzaam zijn om studenten te ondersteunen bij academische modules (Nuffic, 2023). Een andere suggestie van onderwijsprofessionals in Nederland is om de vaardigheid in de onderwijstaal te verbeteren door een taalgericht overgangsjaar aan te bieden (Nuffic, 2023). Dit advies wordt verder ondersteund door studies die aantonen dat taalvaardigheid een voorspeller is van positief psychologisch welzijn bij internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond (Yu et al., 2025; Luo et al., 2019; Zhang & Goodson, 2011; Mavisakalyan et al., 2025).

Verder zouden hogeronderwijsinstellingen meer inclusieve praktijken kunnen ontwikkelen. Dit omvat professionele ontwikkeling voor docenten op het gebied van intercultureel bewustzijn en hoe zij in hun colleges anderstalige studenten kunnen ondersteunen, begeleiden en differentiëren (Kalocsányiová, 2022; Kozikoğlu & Aslan, 2018). Een andere belangrijke aanbeveling is dat docenten kritisch nadenken over de taalvereisten in hun opleidingen (Nuffic, 2023). Maakt het bijvoorbeeld uit of studenten taalfouten maken in examens of schriftelijk werk, of is het voldoende dat ze vakkennis aantonen, ongeacht de taalkundige nauwkeurigheid?

In de literatuur worden ook meertalige praktijken voorgesteld om sociale integratie te ondersteunen. Een studie van Hessing en Klinkenberg (2024) over het gevoel van verbondenheid van studenten in Nederland wees uit dat internationale studenten meer cursussen en activiteiten in het Engels zouden verwelkomen, aangezien velen zich niet verbonden voelen met lokale medestudenten. Volgens deze internationale studenten zou dit hun gevoel van verbondenheid versterken en hun deelname aan extracurriculaire activiteiten stimuleren. Bovendien kan het faciliteren van gezamenlijke activiteiten voor binnenlandse studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond de taalverwerving bevorderen (Kalocsányiová, 2022).

Uitdagingen

Het belang van een gevoel van erbij horen, en waarom het moeilijk te bereiken is
Een gevoel van erbij horen, dat wordt gedefinieerd als het gevoel verbonden, gesteund, gewaardeerd, gerespecteerd en opgenomen te zijn, is essentieel voor het welzijn en het academisch succes van studenten (Dias-Broens et al., 2024). Erbij horen in het hoger onderwijs kan meerdere dimensies omvatten, afhankelijk van hoe het wordt gedefinieerd en gemeten; ons overzicht richt zich specifiek op de sociale dimensie ervan. Voor internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond hebben dagelijkse interacties een grote invloed op het welzijn, wat betekent dat het gevoel niet verbonden te zijn met leeftijdsgenoten negatieve gevolgen kan hebben (Soong & Mu, 2025; Oduwaye et al., 2023). Onderzoek toont aan dat internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond vaak het gevoel hebben dat ze niet thuishoren in de universitaire omgeving en een groter risico lopen op marginalisatie en discriminatie, zowel in de academische context als op de arbeidsmarkt (Mangan & Winter, 2017; Dias-Broens et al., 2024; Oduwaye et al., 2023; Cena et al., 2021). Met name studenten met een vluchtelingenachtergrond gaven aan dat medestudenten niet bereid waren om met hen samen te werken en hun ideeën afwezen, waardoor ze zich minderwaardig en gestrest voelden en minder gemotiveerd waren om aan het leerproces deel te nemen (Mangan & Winter, 2017). Uit gesprekken met studenten met een vluchtelingenachtergrond in Nederland blijkt dat eenzaamheid en beperkte ondersteuning hun persoonlijke, sociale, taalkundige en academische ontwikkeling verder kunnen belemmeren (Abdulsattar et al., 2023).

Het gebrek aan verbinding tussen binnenlandse studenten enerzijds en internationale studenten of studenten met een vluchtelingenachtergrond anderzijds komt voort uit factoren aan beide kanten. Nederlandse studenten kunnen terughoudender zijn in het aangaan van vriendschappen, vooral in een minder diverse omgeving waar ze mogelijk weinig in contact komen met internationale medestudenten, en omdat ze al een sociaal netwerk hebben opgebouwd of zich niet kunnen inleven in de levenservaringen van medestudenten met een vluchtelingen- of migratieachtergrond (Kong et al., 2016; Soong & Mu, 2025; Cena et al., 2021). Tegelijkertijd kunnen internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond, volgens onderzoek in Nederland en andere landen, aarzelen om contact te zoeken met lokale studenten vanwege verschillen in leeftijd, levenservaringen, gezinsverantwoordelijkheden, financiële kwesties, sociale normen of taalbarrières (Nuffic, 2023; Abdulsattar et al., 2023; Van Dijk & Kooiman, 2023; Mangan & Winter, 2017; Oduwaye et al., 2023). Sommigen moeten werk, zorg en studie combineren, waardoor er weinig tijd overblijft voor sociale contacten, terwijl gangbare studentenactiviteiten zoals uitgaan om iets te drinken wellicht niet aansluiten bij hun culturele of religieuze voorkeuren of financiële situatie. Taalbarrières en onbekende sociale normen kunnen communicatie ongemakkelijk maken en interactie verder beperken (Mangan & Winter, 2017; Abdulsattar et al., 2023).

Identiteit en stigma
Veel internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond staan voor de uitdaging om hun culturele identiteit vorm te geven terwijl ze zich aanpassen aan een nieuwe omgeving. Met name studenten met een vluchtelingenachtergrond hebben vaak een sterke emotionele band met hun land van herkomst terwijl ze proberen een nieuw leven op te bouwen, en dit kan spanningen veroorzaken tussen hun vroegere en huidige zelf (Abdulsattar et al., 2023). Verwarring over culturele identiteit komt vaak voor: studenten voelen zich verstrikt tussen conflicterende culturen en vragen zich af wie ze zijn (Mangan & Winter, 2017; Brown & Brown, 2013). Genderverwachtingen kunnen voor extra druk zorgen: in sommige culturen worden vrouwen niet aangemoedigd om te studeren, te socialiseren of zelfstandig te wonen, terwijl het gastland hoger onderwijs en persoonlijke autonomie juist stimuleert (Mangan & Winter, 2017). Vrouwen die aan deze nieuwe verwachtingen willen voldoen, kunnen binnen hun eigen gemeenschap met marginalisering te maken krijgen. Anderzijds kan het combineren van huishoudelijke taken met studie hun studievoortgang belemmeren.

Met name bij studenten met een vluchtelingenachtergrond kan het stigma dat aan dit label kleeft, hun zelfvertrouwen en gevoel van verbondenheid aantasten. Vluchtelingen worden vaak afgeschilderd als zwak, afhankelijk of zonder potentieel, en zelfs goedbedoelende instellingen kunnen dit narratief versterken door hun kwetsbaarheid te benadrukken (Bauer et al., 2021). Dergelijke percepties kunnen ertoe leiden dat studenten aan hun capaciteiten gaan twijfelen en de druk voelen om zich voortdurend te moeten bewijzen in het hoger onderwijs (Mangan & Winter, 2017; Abdulsattar et al., 2023). Sommigen kiezen ervoor hun vluchtelingenachtergrond te verbergen om negatieve associaties te vermijden, uit angst voor discriminatie of om niet te worden gezien als ‘parasieten’ die profiteren van de Staat (Mangan & Winter, 2017). Ervaringen met stereotypering of anders behandeld worden kunnen het isolement versterken (Abdulsattar et al., 2023).

Internationale studenten aan de Universiteit Leiden spelen een potje schaak.

Behoeften

Het gevoel van verbondenheid van studenten verbeteren
Deel uitmaken van een studentengemeenschap geeft studenten een gevoel van verbondenheid, veiligheid en structuur (Laidlaw et al., 2015). Volgens studies binnen de Nederlandse context spelen hogeronderwijsinstellingen een belangrijke rol in het ondersteunen van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond bij het opbouwen van netwerken tijdens hun studie (Nuffic, 2022; Nuffic, 2023). Docenten kunnen studenten tijdens colleges bijvoorbeeld ruimte geven om elkaar te leren kennen en deelname aan studieverenigingen of buddyprogramma’s stimuleren. Met name in Nederland is gebleken dat deelname aan een introductieweek en een pre-academisch programma effectief is in het bevorderen van het gevoel van verbondenheid bij studenten (Van Bommel & Assen, 2025; Van Lamoen et al., 2024).

Universiteiten kunnen ook online communities opzetten of sociale activiteiten organiseren. Bij dat laatste moeten ze rekening houden met de culturele en religieuze achtergrond van studenten. Deelname aan extracurriculaire activiteiten kan eenzaamheid verminderen, studenten het gevoel geven dat ze gesteund worden en hun welzijn verbeteren (Laidlaw et al., 2015). Een betekenisvolle of ‘warme’ integratie wordt verder ondersteund wanneer studenten regelmatig contact onderhouden met de universiteit (Streitwieser et al., 2018).

Een gestigmatiseerd label in een nieuw daglicht stellen
Positieve beeldvorming van studenten die hun toegevoegde waarde benadrukt, kan effectief zijn om het zelfvertrouwen te vergroten, vooral bij studenten met een vluchtelingenachtergrond. In een reeks experimenten in Duitsland en online werden vluchtelingen geportretteerd als sterke individuen die door hun beproevingen waren gegroeid, ondanks uitdagingen volhielden en trots waren op hun prestaties (Bauer et al., 2021). Studenten met een vluchtelingenachtergrond die aan deze positieve framing werden blootgesteld, voelden zich zelfverzekerder en beter voorbereid op de universiteit en presenteerden zich assertiever dan degenen die dat niet waren. Ze kozen ook vaker voor uitdagende leertaken. Deze bevindingen, samen met die uit een vergelijkbaar onderzoek (Walton & Cohen, 2011), suggereren dat het herkaderen van identiteit – van kwetsbaarheid naar veerkracht – een belangrijke bijdrage kan leveren aan welzijn en academisch succes.

Uitdagingen

Aanpassingsproblemen, niet-erkende behoeften en aarzeling om hulp te zoeken
Veel studenten met een vluchtelingenachtergrond hebben te maken met een onderbroken onderwijsloopbaan, wat zowel de toegang tot als het succes in het hoger onderwijs kan beperken (Berg, 2023). Velen beginnen aan hun studie met een onderbroken schoolloopbaan of verschillende niveaus van vooropleiding. Hun eerdere kwalificaties worden mogelijk niet erkend, waardoor het voor hen moeilijker wordt om een geschikte studieroute of werk te vinden (Earnest et al., 2010; Mangan & Winter, 2017).

Zodra ze zijn ingeschreven, moeten zowel internationale studenten als studenten met een vluchtelingenachtergrond zich aanpassen aan een nieuw onderwijssysteem met onbekende onderwijsstijlen, nieuwe technologieën en andere verwachtingen op het gebied van zelfstandigheid en zelfsturing (Earnest et al., 2010; Kong et al., 2026; Mangan & Winter, 2017; Oduwaye et al., 2023; Cena et al., 2021). Deze gelijktijdige leereisen plaatsen hen in een nadelige positie ten opzichte van leeftijdsgenoten die zich uitsluitend op de lesstof kunnen concentreren.

Bovendien kunnen de specifieke behoeften van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond onopgemerkt blijven door het onderwijzend personeel (Kong et al., 2026; Brown & Brown, 2013). Beleid dat de nadruk legt op gelijke behandeling van alle studenten kan onbedoeld de unieke uitdagingen waar deze studenten mee te maken hebben, verhullen (Kong et al., 2026). Tegelijkertijd komen veel internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond uit culturen waarin het ongebruikelijk is om zorgen te uiten of hulp te zoeken bij autoriteiten, waardoor ze aarzelen om medewerkers te benaderen. Moeilijkheden bij het begrijpen van lokale communicatienormen – zowel formele als informele – kunnen hun vermogen om behoeften te verwoorden of toegang te krijgen tot ondersteuning verder beperken.

Behoeften

Een meer op maat gemaakte onderwijsaanpak
De behoeften van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond worden gevormd door hun eerdere ervaringen en kunnen verschillen van die van binnenlandse studenten (Nuffic, 2023; Oduwaye et al., 2023). Onderwijsbeleid moet de specifieke behoeften van deze studenten erkennen (Kong et al., 2026; Mangan & Winter, 2017). Zowel medestudenten als docenten moeten de voorkennis en vaardigheden van deze studenten waarderen (Streitwieser et al., 2018), en meertaligheid moet worden gezien als een aanwinst in plaats van een tekortkoming (Bilic et al., 2025). Het explicieter maken van culturele normen en institutionele verwachtingen en het gebruik van traumasensitieve en cultureel responsieve onderwijsbenaderingen kunnen het leren ondersteunen (Bilic et al., 2025; Nuffic, 2023).

Opleiding van het personeel en inclusieve onderwijspraktijken
Universitair personeel heeft mogelijk onvoldoende inzicht in de manieren waarop een internationale of vluchtelingenachtergrond het leren beïnvloedt (Kong et al., 2016). Training in intercultureel bewustzijn kan docenten helpen culturele dimensies te herkennen die de ervaringen en het gedrag van studenten beïnvloeden, en problemen te identificeren die het leren kunnen belemmeren (Ramsay & Baker, 2019; Mangan & Winter, 2017). Universiteiten moeten ervoor zorgen dat het personeel empathie toont en zelfvertrouwen ontwikkelt bij het lesgeven aan cultureel diverse groepen (Nuffic, 2023; Bilic et al., 2025). Docenten spelen een sleutelrol bij het inclusief maken van groepswerk. In de Nederlandse context lijken internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond vaak te worstelen met de taal of sociale contacten, waardoor groepsopdrachten zonder de juiste ondersteuning een uitdaging voor hen vormen (Nuffic, 2022; Nuffic, 2023).

Voorbereiding en ondersteuning van studenten
Vakspecifieke voorbereiding, op maat gemaakte introductieprogramma’s, individuele studiebegeleiding en peer-groepen kunnen studenten helpen hun weg te vinden in de universitaire omgeving en het studie-uitvalpercentage verlagen (Streitwieser et al., 2018; Earnest et al., 2010; Nuffic, 2023). Deze vormen van ondersteuning zijn vooral waardevol tijdens het eerste studiejaar, wanneer studenten nog moeten leren omgaan met academische verwachtingen en institutionele structuren. Daarnaast zijn internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond mogelijk niet bekend met de leerstijl die hun hogeronderwijsinstelling van hen verwacht (Nuffic, 2023; Gong et al., 2021). Vroegtijdige voorlichtingsbijeenkomsten kunnen verwachtingen verduidelijken, terwijl docenten hun studenten kunnen aanmoedigen om te reflecteren op leervaardigheden en samenwerking. Hulp bij het ontwikkelen van een proactieve houding en kennis over de lokale academische cultuur kan studenten helpen zich aan te passen en met meer zelfvertrouwen en vollediger deel te nemen.

Wotis Walk 2021

Uitdagingen

Psychische klachten en onderrapportage
Er zijn aanwijzingen dat psychische klachten veel voorkomen onder studenten in het hoger onderwijs. In een onderzoek uitgevoerd aan een Australische universiteit ervoer bijna een derde van de studenten psychische klachten en meldde meer dan 20% matige tot ernstige angst in de voorgaande twee weken (Sanci et al., 2022). Terwijl binnenlandse studenten iets hogere percentages van sommige psychische problemen rapporteerden, gaven internationale studenten aan minder sociale steun te ondervinden en minder bekend te zijn met en gebruik te maken van beschikbare gezondheidsdiensten. Aangezien binnenlandse studenten over het algemeen meer psychische problemen melden, geeft deze studie des te meer reden om aan te nemen dat internationale studenten hun problemen mogelijk onderrapporteren (Sanci et al., 2022).

Volgens een grootschalig nationaal onderzoek in Nederland naar de geestelijke gezondheid en het middelengebruik van studenten in het hoger onderwijs is de geestelijke gezondheid doorgaans beter bij oudere studenten (met name die van 30 jaar of ouder) en studenten met een bijbaan (RIVM & Trimbos Instituut, 2025). Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde groepen studenten kwetsbaarder zijn voor problemen met hun geestelijke gezondheid. Vrouwen, studenten die zich niet binnen de binaire genderindeling identificeren en LGBTQ+-studenten hebben een grotere kans om een relatief slechte geestelijke gezondheid te melden. Onder internationale studenten zijn de patronen gemengd. Zij melden over het algemeen minder stress, maar meer levensmoeheid en eenzaamheid in vergelijking met binnenlandse studenten. Risicovol alcoholgebruik is over het algemeen lager onder internationale studenten en studenten met een migratieachtergrond. Zij gebruiken echter vaker bepaalde andere middelen; zo melden zij bijvoorbeeld vaker cannabisgebruik en hogere percentages dagelijks roken en vapen.

Belemmeringen om hulp te zoeken
Belemmeringen om hulp te zoeken zijn goed gedocumenteerd in de literatuur. [3] In verschillende studies worden stigma, beperkte kennis van beschikbare diensten en structurele obstakels zoals lange wachttijden genoemd als belangrijke beperkingen (Broglia et al., 2021; Corney et al., 2024; Dunley & Papadopoulos, 2019). Culturele en taalbarrières, evenals de overtuiging dat hulp alleen bij ernstige problemen moet worden gezocht, ontmoedigen het zoeken naar hulp onder internationale studenten nog verder (Corney et al., 2024). Persoonlijke factoren spelen ook een rol; sommige studenten vragen liever niet om hulp bij familieleden om geen onrust te veroorzaken en vertrouwen in plaats daarvan op het advies van hun vrienden, wat niet altijd even passend is (Laidlaw et al., 2015). Een negatieve houding ten opzichte van professionele ondersteuning en eerdere onbevredigende ervaringen kunnen de kans op het zoeken van hulp verder verkleinen (Rickwood et al., 2005).

Meer gezondheidsproblemen bij studenten met een vluchtelingenachtergrond
Binnen de diverse groep internationale studenten kunnen sommige groepen te maken krijgen met extra en complexere gezondheidsproblemen. Dit geldt met name voor studenten met een vluchtelingenachtergrond. Deze studenten worden vaak geconfronteerd met specifieke uitdagingen die verband houden met hun ervaringen uit het verleden en met het voortdurende integratieproces, waaronder aanhoudende fysieke en psychische problemen die voortvloeien uit hun ervaringen als vluchteling (Kong et al., 2026). Velen hebben zware beproevingen doorstaan, zoals geweld, vervolging, honger of langdurig verblijf in een vluchtelingenkamp. Dergelijke ervaringen kunnen de rest van hun leven gevolgen hebben voor hun geestelijke gezondheid en welzijn (Mangan & Winter, 2017). Problemen met de geestelijke gezondheid kunnen voortkomen uit stressfactoren zowel vóór als na de migratie, evenals uit onzekerheid over de toekomst. De cumulatieve impact toont in sommige gevallen patronen die worden geassocieerd met complexe posttraumatische stressstoornis (Berg, 2023; de Silva et al., 2021). Deze problemen kunnen bijdragen aan instabiliteit, een verminderd zelfbeeld, gevoelens van verloren tijd en belemmerde academische prestaties, met name in combinatie met sociaal isolement of een gebrek aan erkenning van eerdere ervaringen (Berg, 2023).

Studenten met een vluchtelingenachtergrond kunnen ook sterke gevoelens van schuld en bezorgdheid ervaren jegens familieleden die in hun land van herkomst zijn achtergebleven (Kong et al., 2026). Zorgen om dierbaren in potentieel gevaarlijke situaties kunnen tijdens de opleiding psychologische druk en concentratieproblemen veroorzaken (Mangan & Winter, 2017). Wanneer studenten zich niet in staat voelen of zich schamen om deze zorgen te delen, kan deze druk hun isolement en stress versterken en een negatieve invloed hebben op de leerresultaten of leiden tot studieuitval (Mangan & Winter, 2017).

Behoeften

Hulpzoekend gedrag faciliteren
Universiteiten spelen een sleutelrol bij het stimuleren van hulpzoekend gedrag onder studenten. Ze kunnen hieraan bijdragen door psychische problemen te destigmatiseren via open discussies en preventieve activiteiten die gericht zijn op het verminderen van zelfstigmatiserende overtuigingen (Broglia et al., 2021). Training van het personeel kan het bewustzijn van de behoeften op het gebied van de geestelijke gezondheid van studenten verder vergroten en medewerkers in staat stellen om hulpzoekend gedrag aan te moedigen en passende doorverwijzingen te doen (Broglia et al., 2021). Universiteiten kunnen studenten ook ondersteunen door duidelijke informatie te verstrekken over de manieren waarop hulp kan worden gezocht en door te zorgen voor tijdige en gemakkelijke toegang tot professionele geestelijke gezondheidszorg (Broglia et al., 2021; Rickwood et al., 2005). De mate waarin zij verantwoordelijk zijn voor het aanbieden van dergelijke diensten kan echter variëren naargelang de nationale context.

Vroegtijdige beoordeling, op preventie gerichte programma's en betrokkenheid van docenten kunnen de deelname aan ondersteunende diensten verder verbeteren en stigma verminderen (Sakiz & Jencius, 2024). Gerichte benaderingen die flexibele en contextgevoelige copingvaardigheden bevorderen, zoals het integreren van stressmanagementtraining in het curriculum en het aanbieden van toegankelijke begeleiding en gestructureerde ondersteuning door medestudenten, kunnen het welzijn van studenten versterken (Slimmen et al., 2025). Daarnaast kan ondersteuning op het gebied van stressmanagement, leerstrategieën en loopbaanvoorbereiding studenten helpen hun welzijn tijdens hun studie te behouden (Szepe & Meszaros, 2024). Cultuurgevoelige en inclusieve diensten voor geestelijke gezondheidszorg zijn essentieel om ervoor te zorgen dat de ondersteuning aansluit bij diverse behoeften (Sakiz & Jencius, 2024).

Naast institutionele initiatieven speelt ook sociale steun een belangrijke rol bij het bevorderen van hulpzoekend gedrag. Eerder onderzoek toont aan dat een hoger ervaren niveau van sociale steun gepaard gaat met een sterkere intentie om hulp te zoeken en het daadwerkelijk zoeken van hulp onder universiteitsstudenten kan vergemakkelijken (Nagai, 2015). Omgekeerd is het zo dat wanneer de sociale steun gering is, zelfs personen die de noodzaak van hulp erkennen, minder geneigd zijn om hulp te zoeken. Het versterken van de sociale steunnetwerken van studenten kan daarom het zoeken naar hulp stimuleren, met name voor degenen die anders moeite zouden hebben om toegang te krijgen tot ondersteuning.

Uitdagingen

Financiële beperkingen
Financiële problemen beginnen vaak al tijdens het migratieproces zelf en worden beïnvloed door factoren zoals de economische achtergrond van de familie van de student en het land van herkomst. Na aankomst kunnen deze uitdagingen toenemen door uitsluiting in het gastland, beperkte financiële steun, een tekort aan betaalbare huisvesting en ontoereikende sociale bescherming (Wilson et al., 2023).

Uit onderzoek blijkt dat internationale studenten vaak financiële stress melden als gevolg van factoren zoals beperkte werkvergunningen, minder baankansen en hogere collegegelden in veel gastlanden (Amanvermez et al., 2024). Bovendien kunnen internationale studenten, wanneer hun familie in hun opleiding investeert, druk voelen om die investering te rechtvaardigen, waarbij ouders soms invloed uitoefenen op hun carrièrekeuze (Cena et al., 2021). Financiële zorgen, en met name kwesties met betrekking tot financiële steun, worden door internationale studenten op grote schaal genoemd als een belangrijke bron van aanpassingsproblemen in het hoger onderwijs.

Studenten met een vluchtelingenachtergrond kunnen te maken krijgen met bijzonder grote financiële beperkingen. Aanhoudende sociaaleconomische druk na hervestiging, waaronder financiële moeilijkheden en gezinsverantwoordelijkheden, kan van invloed zijn op het vermogen van studenten om volledig deel te nemen aan het hoger onderwijs (Berg, 2023; Earnest et al., 2010; Kong et al., 2026; Ramsay & Baker, 2019).

Financiële beperkingen beïnvloeden ook de toegang van studenten tot de digitale hulpmiddelen die nodig zijn voor het hoger onderwijs. Studenten missen vaak zowel ervaring met digitale technologieën als de financiële middelen om toegang tot die technologieën te krijgen, waardoor deelname aan blended learning of online leren bijzonder lastig kan zijn (Kong et al., 2026; Ramsay & Baker, 2019).

Betaalbaarheid van huisvesting en leefomstandigheden
Volgens de literatuur is de betaalbaarheid en kwaliteit van huisvesting een andere belangrijke praktische factor die het welzijn van studenten beïnvloedt. Terwijl toegang tot veilige huisvesting, een omgeving met weinig criminaliteit, goed openbaar vervoer en sociale netwerken wordt aangemerkt als een belangrijke factor die het welzijn verbetert, hebben moeilijkheden bij het vinden van huisvesting, hoge woonlasten en gedeelde huisvesting een negatieve invloed op het welzijn van studenten (Cena et al., 2021; Corney et al., 2024). Het tekort aan huisvesting is een grote uitdaging waarmee studenten worden geconfronteerd wanneer zij Nederland als studiebestemming kiezen, waarbij studenten uit de Europese Economische Ruimte (EER) het tekort aan huisvesting nog vaker als een uitdaging ervaren dan studenten van buiten de EER (Nuffic, 2026b).

Onderzoek binnen de Nederlandse context benadrukt ook hoe woononzekerheid het subjectieve welzijn van internationale studenten onevenredig beïnvloedt (Van Aggelen, 2024). Moeilijkheden bij het vinden van huisvesting, in combinatie met taalbarrières, interculturele verschillen en tijdrovende procedures, kunnen stress en angst bij internationale studenten vergroten in vergelijking met binnenlandse studenten. Uit een onderzoek naar het gevoel van verbondenheid van internationale studenten in Nederland bleek dat tijdelijke of slechte huisvesting het gevoel van verbondenheid en thuis zijn van studenten kan ondermijnen, en dat instellingen effectiever op deze kwesties zouden moeten reageren (Hessing & Klinkenberg, 2024).

Uit recent onderzoek in Nederland blijkt bovendien dat internationale studenten te maken hebben met aanzienlijke structurele belemmeringen bij het vinden van geschikte huisvesting in dit land. Slechts twee op de vijf studenten in deze categorie zijn tevreden over de informatie die zij vóór en tijdens hun verblijf hebben gekregen (Lommertzen, J., & Van Mensvoort, C., 2026). Hoewel de meeste studenten hun huisvesting vooraf regelen, heeft bijna een derde drie maanden of langer nodig om een woning te vinden. Het onderzoek toont ook aan dat studenten vaak te maken krijgen met discriminatie op de woningmarkt (bijv. ‘geen buitenlanders’), hogere huren en zelfs oplichting. Meer dan de helft geeft aan dat ze meer betalen voor huisvesting dan Nederlandse studenten. Door de beperkte beschikbaarheid en hoge kosten zijn sommige studenten zelfs gedwongen tijdelijk in een hotel te verblijven of naar een andere gemeente te verhuizen.

Behoeften

Verbetering van de leefomstandigheden
Het verbeteren van de leefomstandigheden en het bieden van huisvestingsondersteuning staan centraal bij het bevorderen van welzijn (Hessing & Klinkenberg, 2024; Lommertzen, J., & Van Mensvoort, C., 2026). Strategieën zoals het bevorderen van sociale cohesie tussen binnenlandse en internationale studenten, evenals transparante communicatie over de realiteit van de woningmarkt en de beschikbaarheid van ondersteunende diensten op het gebied van huisvesting, zijn voorgesteld als manieren om de negatieve gevolgen van huisvestingsonzekerheid voor het welzijn in gastlanden te verzachten (Van Aggelen, 2024; Lommertzen, J., & Van Mensvoort, C., 2026).

Uitbreiding van financiële ondersteuning
Uitbreiding van financiële ondersteuning is een andere belangrijke behoefte. Beurzen en andere vormen van financiële hulp, die in de Nederlandse context beperkt zijn, kunnen de financiële druk verlichten en studenten in staat stellen hun opleiding voor te zetten (Earnest et al., 2010; Nuffic, te verschijnen). Dergelijke steun kan ook de noodzaak verminderen om betaald werk voorrang te geven boven academische verplichtingen. Veel studenten hebben immers moeite om hun studie te combineren met verantwoordelijkheden zoals het ondersteunen van familieleden in het buitenland, het financieren van huishoudelijke uitgaven en het dekken van persoonlijke kosten, waaronder huur, collegegeld en voedsel. Financiële problemen kunnen ook preventief worden aangepakt door middel van vereisten vóór aankomst, die moeten waarborgen dat studenten over voldoende middelen beschikken om hun studie te volgen. Dit is een gangbare praktijk bij Nederlandse universiteiten (IND, 2026).

Uit de literatuur blijkt dat internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond te maken kunnen krijgen met een breed scala aan taalkundige, sociaal-culturele, onderwijsgerelateerde, gezondheidsgerelateerde, praktische en financiële uitdagingen die van invloed kunnen zijn op hun welzijn. Deze uitdagingen hangen vaak met elkaar samen en variëren van onzekerheid over de eigen taalvaardigheid tot problemen bij het vinden van huisvesting. Zij zijn daarmee van invloed op het vermogen van studenten om betekenisvol en succesvol deel te nemen aan het onderwijs. Om deze kwesties aan te pakken, moeten instellingen de specifieke omstandigheden van deze groepen onderkennen en de ondersteuningsstructuren op academisch, sociaal en praktisch gebied versterken.

De geïdentificeerde behoeften wijzen op duidelijke mogelijkheden voor verbetering. Door te investeren in gebieden zoals inclusief onderwijs, toegankelijke geestelijke gezondheidszorg en stabiele leefomstandigheden kunnen hogeronderwijsinstellingen, overheden en andere actoren ertoe bijdragen dat internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond zich gesteund voelen en zich kunnen ontplooien.

In dit overzicht hebben we onderzoek gebundeld dat in Nederland en internationaal in verschillende landen is uitgevoerd. Studies die specifiek gericht zijn op de Nederlandse context blijven echter beperkt. Toekomstig onderzoek zou deze leemte daarom moeten aanpakken door de behoeften van internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond in Nederland verder te analyseren, en door de effectiviteit van relevante initiatieven binnen het Nederlandse hogeronderwijssysteem te evalueren.

  1. In het studiejaar 2025–2026 waren 129.764 internationale studenten ingeschreven voor een volledige opleiding aan een door de overheid gefinancierde Nederlandse instelling voor hoger onderwijs. Zij maakten 16,8% uit van de totale populatie van 771.757 wo- en hbo-studenten (Nuffic, 2026). Er zijn geen landelijke gegevens beschikbaar over aantallen studenten met een vluchtelingenachtergrond. De Stichting UAF meldt dat zij in 2024 meer dan 4.000 studenten met een vluchtelingenachtergrond heeft ondersteund (UAF, 2024), wat suggereert dat het werkelijke aantal studenten in deze groep waarschijnlijk hoger ligt dan 5.000. Samen met de ongeveer 130.000 internationale studenten zijn deze groepen goed voor ten minste 135.000 studenten – ongeveer 17% van de totale studentenpopulatie.
  2. Hoewel we erkennen dat studenten met een vluchtelingenachtergrond verschillende uitdagingen en behoeften kunnen hebben, afhankelijk van de leeftijd waarop ze in het gastland aankomen, wordt dit onderscheid in dit literatuuronderzoek niet in aanmerking genomen.
  3. Hoewel sommige van deze studies de gehele studentenpopulatie analyseren zonder onderscheid te maken tussen binnenlandse en buitenlandse studenten, zijn hun bevindingen ook relevant voor internationale studenten en studenten met een vluchtelingenachtergrond.
Image of Elli Travalou

Elli Travalou

Onderzoeker

foto van onderzoeker Jonatan Weenink

Jonatan Weenink

Onderzoeker

Onderzoeker Cintia Granja

Cintia Granja

Onderzoeker

Sarah van Kempen-Cullip

Sarah van Kempen-Cullip

Onderzoeker