‘Grote stappen nodig in buurtaalonderwijs’

Publicatiedatum: 12-09-2017 10:00

Buurtaalonderwijs is niet meer weg te denken in de grensregio’s. Steeds meer provincies, gemeentes en schoolbesturen willen dat leerlingen structureel onderwijs krijgen in het Duits of Frans.Tijdens de eerste landelijke conferentie ‘Buurtaal voor allemaal!’ op 27 september komen alle aspecten van buurtaalonderwijs aan bod.

Ruim 60 basisscholen in de grensregio’s hebben Duits inmiddels deels opgenomen in het curriculum. Bijna 20 scholen bieden Frans aan. Het lesprogramma Elena (Duits en Frans) is populair, net als de educatieve Franse kinderliedjes van Alain le Lait. Er worden ook uitwisselingsprojecten met scholen over de grens georganiseerd.

Dat vertelt Riet Steffann, die samen met Floor Haanstra het Kenniscentrum Buurtalen van Nuffic coördineert. Het kenniscentrum brengt in kaart welke scholen buurtaalonderwijs Frans en Duits aanbieden, onderhoudt een netwerk, deelt lesmateriaal en organiseert deze eerste landelijke conferentie. De bijeenkomst in Maastricht richt zich op:

  • buurtalen in het primair onderwijs;
  • de aansluiting op het voortgezet onderwijs.

Aansluiting niet optimaal

De aansluiting tussen po en vo op het gebied van vreemdetalenonderwijs is “niet optimaal”, zegt Leon Souren. Hij is projectleider van ‘Kijken over de Grens’ bij de Stichting Voortgezet Onderwijs Parkstad Limburg en een van de sprekers op de Buurtaal-conferentie.

“Scholieren op middelbare scholen in de grensregio’s krijgen pas in het tweede jaar Duits, terwijl velen van hen al in het basisonderwijs met Duits aan de slag zijn geweest. Waarom niet een brugklas vormen voor leerlingen die verder willen met de Duitse taal? Op die manier ontstaat een meer vloeiende doorgaande leerlijn”, stelt Souren. “Vo-scholen zouden beter moeten kijken naar competenties van de ‘inkomende’ leerlingen en daar hun beleid op afstemmen. Durf met een nieuwe blik te kijken naar het curriculum.”

Zo’n zes scholen voor voortgezet onderwijs in Limburg bieden wel Duits aan in het eerste leerjaar. Het lesmateriaal voor deze brugklassen met 'versterkt Duits' wordt meestal door de docenten zelf ontwikkeld. Ook Nuffic is bezig met zulke lesprogramma’s, die eind 2018 beschikbaar worden gesteld.

meisjes met schmink buurtalenonderwijs

Voor kleuters tot hbo’ers

Het team van Souren maakte een ‘competentieraamwerk’ voor “kleuters tot hbo’ers”. Hiermee worden de competenties die leerlingen nodig hebben om te leren, leven en werken over de grens in kaart gebracht.

Souren: “Taalvaardigheid, interculturaliteit en ondernemendheid staan daarbij centraal. Leerlingen horen te weten dat er andere omgangsvormen en gebruiken gelden over de grens. Lees samen met hen krantenartikelen in het Duits over de politiek en de maatschappij. Of laat leerlingen in het beroepsonderwijs informatie opzoeken over hun stageplek. Zo leren ze vragen te stellen, contact te leggen. Kortom: hun ondernemendheid wordt aangesproken.”

Meertaligheid kan naast elkaar bestaan

Het is noodzakelijk dat scholen grotere stappen zetten als het gaat om vroeg vreemdetalenonderwijs, vindt Joana Duarte. De associate lector Meertaligheid Drents en Duits houdt een presentatie op de conferentie. “Meertaligheid kan naast elkaar bestaan. Twee instructietalen, dus onderwijs in zowel het Duits als Nederlands, is goed mogelijk.”

Volgens haar bevordert meertaligheid de algemene taalvaardigheid. “Het maakt niet uit of je naast het Nederlands Duits, Hindi of Fries leert. Leerlingen herkennen overeenkomsten tussen verschillende talen, worden nieuwsgierig naar hoe die in elkaar steken.” Duarte ziet in de bevordering van meertaligheid ook economische voordelen. “Mensen die verschillende talen beheersen kunnen makkelijker in een ander land studeren, en hebben meer kans op een baan”. 

Draagkracht is onmisbaar

Dat is precies de kern van buurtaalonderwijs, zegt Steffann van het Kenniscentrum Buurtalen: “Jongeren trekken weg uit grensregio’s als Limburg. Die gaan elders in Nederland studeren, terwijl ze dat ook kunnen doen aan de Rheinisch-Westfälische Technische Hogeschool in Aken. Een reden is dat ze geen Duits spreken. Bied daarom leerlingen vanaf jonge leeftijd Duits aan, dan houd je ze langer in de streek. In Duitsland is genoeg werkgelegenheid.”

Veel scholen in de grensregio’s willen buurtaalonderwijs opnemen in hun beleid. “Maar Duits is geen verplicht vak. Scholen moeten kijken hoe dat in het curriculum past”, weet Steffann. Verder zijn leerkrachten Duits dun gezaaid. “Ik hoor vaak: we hebben geen geld om docenten op te leiden. Maar gemeentes en provincies, rijk en de Europese Unie schieten vaak te hulp met geld.”

Buurtaalonderwijs invoeren is niet een kwestie van ‘leuk, dit doen we even’. Steffann: “Draagkracht is onmisbaar. Het schoolbestuur kan wel zeggen: dit gaan we doen. Maar alle lagen moeten verantwoordelijkheid nemen en zich met elkaar verbinden: besturen, provincies en vooral ook de werkvloer.”

Ben je ook geïnteresseerd in de conferentie ‘Buurtaal voor allemaal’? Deelname is gratis. Bekijk het programma en meld je aan. 

Laatste wijziging: 20-10-2017 11:19