Kansen en bedreigingen voor internationalisering

Het coronavirus heeft nog steeds grote impact op het onderwijs. Wat betekent dat voor de internationalisering van het onderwijs en voor internationale kennissamenwerking? Drie Nuffic-experts aan het woord.
Geschreven door Nuffic
Illustratie toekomstvisie kansen en bedreigingen

Stephan Meershoek, Manager Dienstverlening primair en voortgezet onderwijs

‘De coronacrisis is een schoolvoorbeeld van het belang van internationalisering’

Hoe gaan scholen dit jaar om met internationalisering? 

“Door de coronamaatregelen komt er veel op scholen af. Daardoor verschuift het thema internationalisering meer naar de achtergrond. Alle uitwisselingen zijn sowieso uitgesteld tot 2021, mogelijk nog langer. Vaak zijn het internationaliseringsbeleid en de activiteiten gekoppeld aan de uitwisseling. Dat moet nu anders worden vormgegeven. Scholen pakken dit jaar hun internationaliseringsactiviteiten in een alternatieve vorm weer op, maar in deze opstartfase is daar nog niet zo veel tijd voor.”

Zie je verschillen tussen primair en voortgezet onderwijs?

“Contacten met buitenlandse scholen verlopen in het primair onderwijs meestal via eTwinning, een online community voor scholen in ruim 40 Europese landen. Die projecten kunnen doorgaan. Net zoals de lessen in Engels en wereldburgerschap. Voor het voortgezet onderwijs is fysieke uitwisseling toch de kers op de taart. Het is de kans om de geleerde competenties in praktijk te brengen.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Illustratie werken op scherm

"Wereldburgerschapsonderwijs laat leerlingen zien dat je er alleen niet komt en dat alles met elkaar samenhangt. Daarom is internationalisering juist nu zo belangrijk.”

Stephan Meershoek

Stephan Meershoek

Hoe kunnen scholen ondersteund worden?

“Scholen zijn op zoek naar ideeën voor online uitwisselingsprojecten en alternatieve internationaliseringsactiviteiten. Daar kan Nuffic een rol in spelen door ze met elkaar in contact te brengen. We hopen dat gedoseerd ook fysiek te kunnen gaan doen. Daarnaast werkt Nuffic aan een document over de meerwaarde van internationalisering. We maken daarin duidelijk waarom juist nu de extra stap gezet moet worden om internationalisering in te bedden in het curriculum."

"Het echte intercultureel leren gebeurt wanneer wereldburgerschap structureel en doelmatig wordt ingezet. In dit document staan ook een aantal tips om wereldburgerschap op school en in de les vorm te geven, bijvoorbeeld door de pandemie te gebruiken als onderwerp voor intercultureel leren.“ 

Zal internationalisering op termijn veranderen?

“De activiteiten zullen zich verbreden. Een buitenlandse ervaring blijft heel belangrijk voor scholen in het voortgezet onderwijs, maar de focus daarop zal minder worden. Scholen waren al op zoek naar alternatieven vanwege duurzaamheidsvraagstukken, inclusie en de klimaatdiscussie. Er is de afgelopen tijd veel ervaring opgedaan met digitalisering."

"We zien ook dat de interesse voor eTwinning is toegenomen. Van maart tot juni 2020 was er een verdubbeling in de activiteiten in vergelijking met het jaar daarvoor. Als het leven na corona weer normaliseert, komen die ontwikkelingen bij elkaar. Het is de uitdaging om duurzame en inclusieve manieren te bedenken waarop alle leerlingen een internationale ervaring kunnen opdoen.” 

Biedt deze crisis kansen voor internationalisering? 

“De coronacrisis is een schoolvoorbeeld van het belang van internationaal competent zijn. De pandemie laat zien hoe afhankelijk we van elkaar zijn en hoe essentieel het is dat we kennis en ervaringen met elkaar uitwisselen. Maar door de crisis wordt ook duidelijk dat ieder land zijn eigen oplossing bedenkt. Wereldburgerschapsonderwijs laat leerlingen zien dat je er alleen niet komt en dat alles met elkaar samenhangt. Daarom is internationalisering juist nu zo belangrijk.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Illustratie digitaal leren

Nuffic beheert een aantal kennisontwikkelingsprogramma’s waaronder het Orange Knowledge Programme en het MENA Scholarship Programme. Nederlandse onderwijsinstellingen en organisaties in lage- en middeninkomenslanden werken hierin samen en er zijn studiebeurzen beschikbaar voor professionals. De programma’s dragen bij aan een structurele verbetering van het kennisniveau op thema’s zoals water en voedselzekerheid.

Anneke Zijlstra, Teammanager Programma Management & Monitoring:  

‘Door het delen van kennis kunnen we sterker uit deze crisis komen’

Wat is de impact van het coronavirus op de toegekende beurzen voor dit studiejaar? 

“Toen de intelligente lock down zich aankondigde, kozen veel studenten ervoor om naar huis te gaan. De instellingen hebben toen snel moeten schakelen om de studieprogramma’s af te kunnen ronden. Dat was een gigantische organisatie."

"Dit studiejaar kunnen lang niet alle bursalen naar Nederland komen. Daarom faciliteert Nuffic de mogelijkheid om deze studenten de eerste drie maanden online onderwijs te bieden en daarna fysiek onderwijs in Nederland. Een vorm van blended learning.” 

Wat zijn de gevolgen voor de kennissamenwerkingsprojecten? 

“Dat verschilt per land en per regio en is ook afhankelijk van de digitale infrastructuur. De pandemie verspreidt zich langzaam over de wereld. In sommige landen konden de activiteiten nog op de oude voet doorgaan, terwijl er in andere landen al beperkingen waren. 
Werkprocessen moesten worden aangepast aan de nieuwe realiteit.”

“Als de digitale voorzieningen goed zijn, kun je bijvoorbeeld nog onderwijs geven en online meetings organiseren. Met slecht internet is dat een stuk lastiger. En voor sommige activiteiten zoals landbouwonderwijs dat heel praktijkgericht is – bijvoorbeeld laten zien hoe je moet zaaien – is fysiek onderwijs beter. Ik vind het heel bewonderenswaardig hoe alle betrokken partijen creatief gebruik maken van middelen om toch de doelen te realiseren.” 

"Digitalisering kan zorgen voor meer inclusie. Door een groter online aanbod wordt het bijvoorbeeld voor meer vrouwen mogelijk om hun kennis te vergroten."

Anneke Zijlstra

Anneke Zijlstra

 

Hoe speelt Nuffic in op deze ontwikkelingen? 

“We willen dat zoveel mogelijk activiteiten doorgang vinden en benadrukken wat er allemaal wel kan om impact te blijven realiseren. We gaan soepeler om met deadlines voor rapportages en voorstellen. En we delen goede voorbeelden, geven uitleg en brengen partijen bij elkaar via online sessies.” 

“We lopen nu tegen andere zaken aan dan aan het begin van de crisis. Veel bursalen zouden de komende periode naar Nederland komen. Het is belangrijk dat zij een band met ons land opbouwen en ook ambassadeurs worden. De onderdompeling in onze cultuur en normen en waarden is dan onontbeerlijk. Daarom hebben we een toolkit gemaakt voor de ambassades om online meetings met de studenten te organiseren.”

Biedt deze crisis ook kansen? 

“Ja, zeker. Een aantal zaken loopt nu anders dan gepland, maar dat kan positief uitpakken  op de lange termijn. We hebben bijvoorbeeld een online synergiesessie georganiseerd voor partijen uit de Hoorn van Afrika die subsidie hebben gekregen. Voorheen was er een kick off bijeenkomst per project. Nu brengen wij de stakeholders online bij elkaar om onderling synergie te creëren. Dat leidt tot veel meer onderlinge contacten en kennisuitwisseling."

"En digitalisering kan zorgen voor meer inclusie. Door een groter online aanbod wordt het bijvoorbeeld voor meer vrouwen mogelijk om hun kennis te vergroten. Voor velen speelt het tijdelijk opgeven van hun rol in het gezinsleven hen parten. 

Door deze crisis wordt Internationale kennissamenwerking nog relevanter want we zitten nu met zijn allen in een wereld die we niet kennen. Door het delen van kennis kunnen we hier sterker uitkomen.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Illustratie digitaal samenwerken

Mart Waterval, Teamleider Kennis & Innovatie

‘Internationalisering wordt vaak nog als iets extra’s gezien’  

Mart Waterval verwacht dit jaar minder inschrijvingen van internationale studenten omdat veel Nederlandse universiteiten en hogescholen vooral online onderwijs aanbieden. “Dat wordt niet ervaren als een volledige vervanging van het fysieke onderwijs. Bovendien zijn er ook reisbeperkingen.”

“Uit een enquête die we in juli hebben gehouden blijkt dat er nog steeds veel interesse is vanuit het buitenland om in Nederland te gaan studeren. Maar het daadwerkelijke aantal inschrijvingen is nog niet bekend.“

Wat zijn de trends op de langere termijn? 

“Meer regionale mobiliteit dan mondiale mobiliteit. Binnen Europa zal de mobiliteit zich daardoor sneller herstellen dan naar het verre buitenland. De toestroom van Aziatische studenten naar Europa nam al af voor de coronacrisis en die structurele trend wordt nu versneld.”

“Een andere trend is de enorme slag die nu wordt gemaakt met het aanbieden van online onderwijs. Ook technologieplatforms als Google begeven zich op deze markt. Zij bieden dit onderwijs vaak veel goedkoper aan en worden geduchte concurrenten van de traditionele onderwijsinstellingen. Daar zal het Nederlandse hoger onderwijs zich op moeten beraden. Hoe beter dat digitale onderwijs wordt, hoe minder mensen de grens over zullen gaan voor een studie.”

 "Nu is een online internationale ervaring nog geen vervanging van een fysiek buitenlandverblijf. De uitdaging is om ervoor te zorgen dat het dat zoveel mogelijk wél wordt.”

Mart Waterval

Mart Waterval

 

Wat wordt de grootste uitdaging voor internationalisering?

“Lang niet iedere leerling of student heeft de mogelijkheid om een buitenlandse studie-ervaring op te doen. Dat is nu nog een hele gangbare vorm van internationalisering. Maar er zijn veel meer manieren zijn om internationaal competent te worden. Nu is een online internationale ervaring nog geen vervanging van een fysiek buitenlandverblijf. De uitdaging is om ervoor te zorgen dat het dat zoveel mogelijk wél wordt.”

“In het mbo zijn de stages en praktijkonderwijs een extra uitdaging. Internationalisation at home biedt nu al veel mogelijkheden. Je ziet allerlei initiatieven op dit gebied zoals netwerken van Europese universiteiten waar studenten samen online colleges volgen, middelen zoals Collaborative Online International Learning (COIL) en eTwinning.”  

Wat is een bedreiging voor internationalisering?

“Dat internationalisering zal ondersneeuwen. Universiteiten, hogescholen en mbo-instellingen moesten in no time het onderwijs digitaal aanbieden en daarna anderhalvemeter maatregelen invoeren. Dat kost veel tijd en energie. Kun je verwachten dat ze ook nog even internationalisation at home implementeren?”

“Dit dilemma laat zien dat internationalisering vaak nog als iets extra’s wordt gezien, terwijl internationale competenties essentieel zijn voor goed onderwijs. Wij hebben als Nuffic een rol om het onderwijsveld hierin te ondersteunen, en met onze diensten aan te sluiten bij de behoeftes van het onderwijsveld.”

Waar liggen de kansen?

“Dat we van de nood een deugd maken en deze crisis gebruiken om een optimale mix te ontwikkelen van online en fysiek onderwijs waarin internationalisering geïntegreerd is.”

 

Altijd op de hoogte blijven? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.