9 februari 2010
17 jun 2010
Miles high…
Vroeger vond ik vliegen één van de leukste dingen van de vakantie: het is spannend, je voelt je super cool én je krijgt van alles te eten en drinken, GRATIS! OK, je betaalt een flinke duit voor je ticket, maar dat vergeet je voor het gemak zodra het geld van je rekening is afgeschreven. Toen ik ongeveer tien jaar oud was ben ik zelfs een keer met mijn ouders naar Schiphol gegaan om een ‘ticket waar dan ook heen’ te kopen: je betaalde honderd gulden en dan ging je die dag op een retourvlucht ergens binnen Europa, zonder dat je van tevoren wist waarheen. Je had op bestemming maar iets van dertig minuten. Je verliet zelfs niet eens de gate. Maar daar ging het ook niet om: het ging puur om het vliegen zelf. Wij bleken een ticket naar Frankfurt te hebben. Ik was zwaar teleurgesteld, want ik had gehoopt op een retourtje Griekenland. Hoe langer in het vliegtuig, hoe leuker. Maar Frankfurt was nog steeds ‘het buitenland’ en een leuke bijkomstigheid was dat George Baker bij ons in het vliegtuig zat. Niet dat die naam mij ook maar iets zei, maar volgens mijn ouders was hij een heuse BN'er. Whaa! Ik had een bekend iemand gezien én gevlogen! Deze combinatie was voor mij een bevestiging dat vliegen ‘echt cool’ was.
Nu, 16 jaar later, kan ik me er niets meer bij voorstellen dat ik ging vliegen om het vliegen. Je krijgt tegenwoordig bijna niets meer aan boord. Sterker nog: je mag ook bijna niets meer meenemen aan boord. Bovendien heeft bijna iedereen wel eens gevlogen. Maar af en toe krijg ik weer dat oude vertrouwde gevoel. Zoals vandaag: ik ben met een vriendin een lang weekend naar Lissabon met KLM. Het vliegtuig waar we mee zouden vliegen bleek een mankement te hebben. Dit werd gelukkig voor vertrek geconstateerd. Binnen een uur hadden ze een ander vliegtuig ‘gevonden’ (wat dat dan ook mag betekenen…). Wij werden inmiddels alweer hongerig en ik informeerde voor de zekerheid bij de grondstewardess of we eten aan boord zouden krijgen. “Nou wel wat, maar echt hééél weinig, écht heel weinig”. Dit was voor ons natuurlijk hét excuus om toch nog maar even terug te lopen naar de chocoladeshop en een lekkere snack voor onderweg in te slaan. We zouden per slot van rekening toch drie uur onderweg zijn. De KLM crew leek het allemaal weinig te schelen: hoe meer vertraging hoe joliger ze werden. Het werkte eigenlijk wel aanstekelijk. Bij de gate begroetten ze elkaar in het plat Amsterdams: “Gelukkig Nuuwjaaaaar meid!” en “Hé, lekker je weer effe te zien schat. Gezellug!”.
Eenmaal aan boord vertelde de piloot dat ze er alles aan zouden doen om onze vertraging goed te maken, waarop wij tegen elkaar opmerkten dat we toch echt liever hebben dat ze rustig hun tijd nemen en alle checks gewoon netjes uitvoeren. Zo’n jolige sfeer is leuk, maar je begint je wel af te vragen wat de crew de avond ervoor heeft uitgespookt.
Na het opstijgen werden we continu volgestopt met lekkers: boterkoeken (we kregen ieder twee koeken aangesmeerd gekregen, ondanks veelvuldig weigeren), marsjes, wijn, broodjes en sapjes. Nog een koffie of thee? Cappuccino? Nou, dat klonk wel goed, dus ik enthousiast en glimlachend jaknikken: alsjeblieft! Hierop begint de flirterige steward te schaterlachen en mij over mijn bol te aaien: “Meid, cappuccino hebben we natuurlijk niet!! Hahahahaha!!” Dan kijkt hij naar mijn vriendin en zegt: “Ze vliegt zeker nooit!”. Na de koffie komt de steward nogmaals langs om te vragen of we toch écht niet een tweede glas wijn willen? Nee, dan komen we echt kruipend het vliegtuig uit, nee dank je. “Nou meiden, kom op, misschien voor in het hotel dan?”. Dat is natuurlijk altijd welkom! Arme studenten zeggen geen nee tegen gratis alcohol. Iets later komt hij met een discreet plastic KLM zakje aanlopen met daarin twee flessen wijn, twee flessen champagne en zes zakjes nootjes! Wat een topservice bij de KLM en dat een paar dagen voor mijn verjaardag! Happy birthday to me!