Vergelijken van cijfers en 'grades'

23 jun 2010

Hoe zet je Nederlandse cijfers om in buitenlandse 'grades'? Dat was het thema van een bijeenkomst in de Hogeschool Domstad op 26 mei.

De bijeenkomst was vooral gericht op medewerkers van Nederlandse hogescholen en universiteiten die te maken krijgen met de academic transcripts van buitenlandse studenten of van Nederlandse studenten die een deel van hun studie aan een buitenlandse universiteit hebben gedaan. De studieprestaties van die studenten moeten worden vertaald in Nederlandse cijfers. De praktijk leert dat dit in Nederland niet overal op dezelfde manier gebeurt.
 

Cijfercultuur en cijferinflatie

Op de bijeenkomst kwam een aantal aspecten van grade conversion aan de orde. Ook werd een aantal buitenlandse grading systems genoemd. Besproken werd wat vervolgens fout kan gaan als je die vergelijkt met het Nederlandse cijfersysteem. Belangrijk hierbij zijn de cijfercultuur in een land en de cijferinflatie.

In Nederland worden bijvoorbeeld weinig hoge cijfers gegeven: de twee meest voorkomende cijfers zijn de twee laagste voldoendes – de zes en de zeven – die samen in 70 tot 75 procent van de gevallen worden gegeven. In de Verenigde Staten is dat net andersom: daar zijn het de twee hoogste voldoendes (de A en de B) die het meest worden gegeven (70 tot 80 procent). Kennis hiervan voorkomt fouten bij het omzetten van grades in cijfers en omgekeerd.
 

Hulpmiddel

Een belangrijk hulpmiddel bij het beoordelen van studieprestaties is de nieuwe grading table van het ECTS, die wordt toegelicht in de ECTS Users’ Guide (628 kB) uit 2009. In deze tabel worden de grades en de percentages waarin die zijn verleend naast elkaar gezet. Hierdoor is meteen inzichtelijk hoe vaak een bepaalde grade in een bepaald examen is voorgekomen.

Dan blijkt bijvoorbeeld dat aan een economieopleiding op een Nederlandse universiteit het hoogste cijfer (de 10) in 0,5 procent van de gevallen is behaald. Bij een vergelijkbare opleiding aan een Amerikaanse universiteit wordt echter de hoogste grade (de A) in 40 procent van de gevallen verleend. Aan de twee tabellen is vervolgens af te lezen welke Nederlandse cijfers procentueel even vaak voorkomen als Amerikaanse grades.
 

Zuivere tabellen

Tabellen met percentages van afzonderlijke vakken of opleidingen zijn het meest zuiver. Maar ook samengestelde tabellen voor faculteiten of zelfs een instelling als geheel kunnen heel bruikbaar zijn. Of het ook zinvol is om een tabel voor heel Nederland vast te stellen is twijfelachtig. Alleen al binnen instellingen wordt op uiteenlopende wijzen gecijferd, waardoor een landelijk gemiddelde erg onzuiver wordt.

Daarom wordt bekeken of er tabellen kunnen komen per HOOP (Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan)-sector, dus de cluster van opleidingen binnen één sector (bijvoorbeeld economie). De Werkgroep Conversie Studieresultaten deed daarover in april al aanbevelingen aan de VSNU, die in de komende maanden verder worden onderzocht.

Share |