Uitleg grading table
05 mrt 2010
5-puntschaal vervallen
In de ECTS grading scale was het de bedoeling op basis van de berekende percentages naast het officiële cijfer een ECTS-kwalificatie te geven in de vorm van een A (beste 10%), een B (volgende 25%), een C (daaropvolgende 30%), een D (daaropvolgende 25%) of een E (laagste 10%) van voldoende cijfers. Onvoldoende cijfers werden uitgedrukt in een F (onvoldoende) of FX (zeer onvoldoende). In het nieuwe systeem vindt deze omzetting niet meer plaats en wordt achter het originele cijfer slechts het percentage opgenomen dat uitdrukt hoe vaak het cijfer wordt gegeven. Dat percentage is niet berekend op basis van de beoordeling van dit specifieke onderdeel maar is bepaald op basis van alle cijfers die gedurende twee jaren zijn gegeven voor een bepaalde studiefase in een bepaald programma.
Bovenstaande impliceert dat slechts één keer per jaar behoeft te worden bepaald hoe de cijfercultuur in de vorm van een cijferdistributie van voldoende gegeven cijfers er uitziet. Dit kan eenvoudig via de computer worden bepaald. Is dit gebeurd dan kan per cijfer automatisch het percentage worden toegevoegd. De ECTS Users’ Guide geeft enkele voorbeelden van deze berekeningen en uitkomsten.
Omzetting cijfers
Doordat de cijfercultuur voor elk land, elke instelling en onderwijsprogramma in beeld wordt gebracht, wordt het heel eenvoudig cijfers om te zetten van het ene in het andere nationale systeem. Dit kan eenvoudig door de percentages van gegeven cijfers te vergelijken. Dit nieuwe systeem is zeer in het belang van Nederlandse studenten. Voor de meeste opleidingen geldt dat er conservatief wordt gecijferd. Bekend is dat een 10 of een 9 zelden wordt gegeven terwijl het niet ongebruikelijk is dat 25% van de Duitse studenten een 1 (het hoogste cijfer) krijgt toegekend.
Vijf stappen
De nieuwe ECTS grading table biedt een simpel en transparent middel voor de interpretatie en omzetting van cijfers van het éne systeem of context in een andere, en doet daarmee recht aan het niveau van de academische prestatie van alle studenten. Indien het systeem correct wordt gebruikt, worden niet alleen verschillende cijfersystemen maar ook cijferculturen overbrugd binnen de Europese onderwijsruimte en zelfs daarbuiten.
Voorzien zijn de volgende vijf stappen:
- Vaststellen van de referentiegroep, op basis waarvan de cijferverdeling wordt berekend (doorgaans een studieprogramma, maar in sommige gevallen een bredere of andere groepering van studenten zoals een faculteit of sector);
- Verzamelen van alle cijfers die gegeven zijn gedurende een periode van (ten minste) twee academische jaren voor de vastgestelde referentiegroep;
- Berekenen van de cijferdistributie in termen van percentages voor de referentiegroep;
- Opname van de lijst met de cijferpercentages van het betreffende programma in elk Transcript of Records/diplomasupplement;
- Voor cijferoverheveling (transfer), vergelijking van de percentagelijst van het studieprogramma van de andere instelling met de eigen percentagelijst. Op basis van deze vergelijking kunnen individuele cijfers eenvoudig worden omgezet. Dit is in beginsel een administratieve handeling die door ondersteunende staf onder toezicht van de Examencommissie kan worden uitgevoerd.