Toepassing van de Lissabon Erkenningsconventie

Bij het maken van diplomawaarderingen hanteert de afdeling Onderwijsvergelijking de criteria en procedures die in de Lissabon Erkenningsconventie worden aangemerkt als 'good practice'.

Dat houdt in dat de Nuffic de kenmerken van de buitenlandse studie vergelijkt met een Nederlandse studie, en dat dit gebeurt volgens een vastgestelde en uniforme procedure.

De principes van de conventie staan in de Nederlandse Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Daarom moet de Nuffic deze toepassen bij het waarderen van onderwijskwalificaties behaald in landen die de conventie hebben geratificeerd.

Voor de overige landen gelden wel dezelfde principes, maar zijn deze niet wettelijk verplicht.

Procedure voor het maken van diplomawaarderingen

De Nuffic houdt rekening met het doel van de aanvraag, zoals aangegeven door de autoriteit die de diplomawaardering aanvraagt: wil die persoon in Nederland verder studeren of werken, en wat zijn de opleidingseisen die daarvoor gelden?

Op basis daarvan wordt bepaald met welk Nederlandse diploma het buitenlandse diploma in eerste instantie wordt vergeleken, om te kijken of er sprake is van wezenlijke verschillen.

Vervolgens controleert de Nuffic de documenten van een volledig aanvraagdossier om te bepalen of er voldoende vertrouwen is in de authenticiteit van de ingestuurde documenten. Dan wordt gekeken of hetzelfde diploma uit hetzelfde land in het verleden al eens is gewaardeerd, om de consistentie van de waardering te waarborgen.

Daarna vergelijkt de Nuffic de buitenlandse studie met de Nederlandse opleiding die voor toelating tot de beoogde opleiding/het beoogde beroep vereist is. Hierbij wordt onder andere gekeken naar:

  • het doel: geeft het diploma in eigen land toelating tot de beoogde opleiding/het beoogde beroep?
  • de status van de instelling en/of opleiding: is die in eigen land erkend of geaccrediteerd?
  • de eindtermen en competenties: wat moet iemand kennen en kunnen aan het einde van beide opleidingen?
  • de inhoud en duur van de opleiding.

Geen wezenlijke verschillen

Indien er, naar het oordeel van de Nuffic, geen wezenlijke verschillen worden geconstateerd, krijgt de aanvragende instantie het advies om het buitenlandse diploma te erkennen als gelijkwaardig aan een vergelijkbaar Nederlands diploma.

Wel wezenlijke verschillen

Wanneer er sprake is van wezenlijke verschillen, kan het diploma eventueel partieel worden erkend. De beslissing over erkenning ligt in alle gevallen bij de aanvrager; de Nuffic heeft in de procedure uitsluitend een adviserende rol.

Als de diplomahouder het niet eens is met de beslissing, kan hij of zij daartegen in beroep gaan.

Wezenlijke verschillen blijven bestaan

Zowel diplomahouders als afnemers van Nuffic-diplomawaarderingen moeten er rekening mee houden dat wezenlijke verschillen nog steeds bestaan, zelfs in dit tijdperk van gelijknamige graden en op elkaar lijkende onderwijsstelsels als gevolg van het Bolognaproces.

Men kan er niet automatisch van uitgaan dat alle bachelor- en masteropleidingen binnen de Europese hogeronderwijsruimte hetzelfde zijn. Volledige erkenning blijft het streven, maar ter bescherming van zowel de student als de instelling zijn er gevallen waarin volledige erkenning om gefundeerde reden niet kan worden verleend.

Laatste wijziging: 29-06-2012 17:25
Kwam deze informatie van pas?